De kracht van imperfectie

De kracht van imperfectie
Mijn lezing voor de Retoriekdag 2014, thema; Tevredenheid’

Door Maria Mazarakis

Tevredenheid, wat betekent dat woord voor mij… Wanneer ben ik tevreden. De laatste paar jaren heb ik mezelf erg vaak die vraag gesteld. Ben ik tevreden, vind ik mezelf goed genoeg. Vind ik mijn stem goed genoeg, mijn liedjes, mijn teksten. Zing ik zuiver genoeg. Ben ik goed genoeg om op het Podium te gaan staan en mijn droom te verwezenlijken. Wanneer is het goed genoeg. Wanneer ben ik tevreden… Wat een lastig thema toch, die tevredenheid.

Al vanaf dat ik een klein kind was droomde ik dat ik een zangeres was of wilde zijn. Ik lag voor de geluidsboxen te luisteren naar die kleine mensjes die binnenin de boxen de sterren van de hemel zongen en dacht… eens wil ik dat ook.

arild-fishesNadenkend over mijn verhaal over tevredenheid tijdens de Dag van de Retoriek, moest het gaan over mijn weg naar dat Podium en de vele ontmoetingen die ik had met mezelf op zoek naar die tevredenheid. Het bleek mijn strijd tegen de perfectie waarbij ik mezelf verloor in een steeds groter wordende onzekerheid. Het werd een zoektocht naar mijzelf en dat wat van betekenis is voor mij, een zoektocht naar de betekenis van tevredenheid. In die zoektocht neem ik jullie mee.

Al jaren heb ik zangles van een zangdocente die op een dag tegen mij zei: ‘Jij moet nu eens een keer het theater in! Je hebt genoeg gezongen in kroegen en op feestjes’. Mijn reactie was er eerst één van ongeloof; “Ik? Kan ik dat? Ben ik goed genoeg?” „Ik denk erover”, zei ik. Onderweg naar huis besloot ik: „Ik doe het!”, want waarom ook eigenlijk niet?! Ik wilde namelijk heel graag luisterliedjes zingen, mensen raken met mooie teksten en dat doe je niet in de kroeg of op feestjes, waar ze wel luisteren, maar niet echt.

In februari dit jaar stond ik twee keer in een vol theater! Wat heb ik genoten! En pffiew… wat ben ik mezelf, vooral op weg naar dat Podium, tegengekomen. Want… wat als ik nu de tekst zou vergeten, de noten niet perfect zou pakken, of stel dat ik zenuwachtig zou worden en mijn stem niet meer in de hand zou hebben? Je hoort namelijk alles als je zingt! Ik heb er twee misschien wel drie jaren naartoe gewerkt. Liedjes geschreven, er samen met mijn zangdocente muziek onder gezet, geoefend. Heel veel geoefend. En ik heb bovenal de uitvoeringsdatum steeds maar weer uitgesteld. Mijn zangdocente was enthousiast en ik natuurlijk ook, want het schrijven ging fijn en het op muziek zetten van de teksten was fantastisch. Maar ik was nog lang niet tevreden… Ik maakte me druk over mijn stem, die heel vaak niet vanzelf deed wat ik wilde. Een hees stemgeluid heeft misschien wel een sexy klank, maar dat wilde ik niet. „Ik hoor veel valse lucht”, zei mijn zangdocent dan. “Je weet wat je moet doen, zet jezelf relaxt klaar, ‘head-and-neck-anker’, rechtop staan, schouders naar achteren, let op retraction, pak een beetje ‘cry’ en gáán! Je kunt bij die hoge noot! Echt! Mákkelijk!” Tjonge en dat keer op keer. Het zingen werd er niet gemakkelijker op. En als ik erop ging letten ging het beter maar ook heel vaak werd ik er echt heel moedeloos van. Dan schoof ik de uitvoeringsdatum maar al te graag weer wat meer voor me uit. Mensen aan wie ik drie jaren geleden verteld had dat ik toewerkte naar een theater-optreden vroegen me: Wanneer is het nou? En ik dacht… Shit, ik weet het niet. Ik ben er nog lang niet en ben benieuwd of ik dat moment ooit bereik. Van die momenten dat je denkt; „Oh, help!, waar ben ik aan begonnen” Hebben jullie dat ook wel eens, van die momenten?

Wat heeft perfectie met kracht temaken?
Ben ik dan een perfectionist? Mijn droom werd een taak, waar ik tegen opzag. Dat kon toch niet de bedoeling zijn?

Wat maakt nu dat ik zo graag dat Podium op wil. Ik hoefde er niet lang over na te denken. Ik wilde mijn verhaal vertellen, ik wilde mensen raken, gewoon lekker spelen en plezier hebben met de band en met de mensen in de zaal. Ik wilde ook mijn levensmotto leven en misschien ook wel voorleven; ‚Leef je droom nu en bewaar m niet voor later’. En wat was ik dan nu aan het doen met mijn voortdurende uitstel?

Ik sprak met mensen over perfectie…

„Het lijkt wel of alles binnen het Inspiratiehuis imperfectie vertegenwoordigd, geweldig!” zei iemand laatst tegen me. Ze had het over mijn bedrijf dat vol staat met oud en nieuw design. Ze wees me op het prachtige oude meubilair, met schrammen, kleine gaatjes soms. Op de boekenplank in de vensterbank van geperst papier dat niet recht is aan de bovenkant, de houten vloeren waarvan de afwerkende rand ontbreekt, de kunst van Anook Cleonne: potjes met vooral veel deukjes, het gestapelde porceleinen serviesgoed in de vensterbank dat niet afgewerkt is, de porseleinen lampjes hangend aan die mooie neon-kleurige snoeren die niet zijn weggewerkt in zo’n plastic omhulsel tegen het plafond. Een werkbank die ik gebruik als bar, vol met verf en lijmresten. „Ze vertegenwoordigen de verwondering in dit huis”, zei ik, „de verwondering die je uitnodigt om in beweging te komen, letterlijk en figuurlijk. Ze doen iets met je. Je mag het mooi en lelijk vinden. Beide is goed. En ik vind het fijn als een huis niet helemaal af is. Want ik denk dat als het klaar is, dat dan de beweging eruit is… en dat is wel het laatste dat ik zou willen”.

Eerder had ik een gesprek met een vriendin die vroeg naar het ‘waarom’ van de gebruikte meubels bij mij thuis. Ze vertegenwoordigen voor mij een leven, zei ik, een geschiedenis. Ik kan mijmeren over waar deze stoel of tafel heeft gestaan, wie erop hebben gezeten en waardoor het schrammen heeft opgelopen. Ze hebben een ziel voor mij, waarmee ik me verbonden voel. Nieuwe dingen vind ik vaak te glad, te mooi bijna. Daardoor heb ik er veel minder verbinding mee. Ze staan in mijn kamer zo op zichzelf en los van alles, enkel ‚mooi’ te wezen.

Grappig he… dat ik in de imperfectie die ik om me heen heb verzameld aan meubilair juist de schoonheid zie… Terwijl toewerkend naar dat Podium, ik opeens perfect moest zijn. Alsof je mij niet echt mocht zien… Want door mijn imperfecte ‚ zelf’ te laten zien geef ik immers ook iemand een kijkje in mijn ziel, net als bij mijn meubels. Het toelaten van de imperfectie maakt dat er verbinding mogelijk is van mijn hart tot die van een ander en omgekeerd. Daarin zit kracht. Perfectie laat volgens mij enkel de buitenkant zien van iets of iemand. Dan is er meer afstand. Toch? Oei… en dat wil ik helemaal niet! Waar was ik mee bezig?

Mijn oproep, altijd en overal, om vooral met verwondering te luisteren, te kijken en te ervaren, vond ik blijkbaar op weg naar het Podium, niet van toepassing. Gek! Wat maakt het in dezen zo anders? Was ik het die perfect het podium op wilde, ging ik mee in de perfectie van mijn zangdocente, of zat het enkel in mijn hoofd en dacht ik dat anderen dat van mij verwachtten. Ik wilde die verwondering ook in dit proces. Verwondering die voorbij die perfectie gaat. Als ik mij toch eens de verwondering zou gunnen, dan zou ik de imperfectie toe kunnen laten, misschien zelfs kunnen omarmen, als die zich zou aandienen. Dan is het goed zoals het is. In het moment zijn, tevreden.

Toen ik dat inzicht kreeg kon ik het loslaten. Ik heb de data geprikt en werkte aan de nummers om er alles in te leggen wat ik in me had. En wat ik datzelfde moment ook heb besloten is dat de voorstelling ook enkel een subliem mooi moment mocht zijn, een moment waarin ik alles zou geven wat ik te geven heb. Niet meer, niet minder… met alle mogelijke imperfecties die zich kunnen aandienen. De vraag wat ik voor of achter de gordijnen zou houden was niet meer relevant. Ik wilde er staan zoals ik ben.

De dag voorafgaand aan de voorstelling repeteerden we voor het eerst met de gehele formatie en het was ook direct onze generale. De gekozen uitdaging was dan ook wel op zijn grootst. Een hoge uithaal wilde ook die middag maar niet perfect worden en ik moest het stukje over en over doen met allerlei aanwijzingen van mijn zangdocente. Ik werd er weer dol van. “Ho stop”, zei ik, ‘het is zoals het is… dit stukje zal een uitdaging zijn op het Podium, een moment van totale focus. En… we gaan zien hoe het op dat moment zal gaan. Het is prima zoals het komt. Ik hoef het niet perfect te doen, daarvoor ga ik dat Podium niet op. Misschien wil ik die perfectie juist wel niet! Als het verhaal dat ik wil vertellen maar over komt”.

Inspiratie
De afgelopen twee maanden, direct na mijn optreden kreeg ik een loge: Tony Spinner. Een top-muzikant uit Amerika die een tiental jaren in de band Toto heeft gespeeld en nu met zijn eigen band en eigen muziek door Europa trekt. Hij speelt en zingt de blues. Mooie gesprekken hadden we in onze gezamenlijke vrije tijd. Over het leven in een wereldband waarin de perfectie de boventoon voert, je 6 weken de wereld over trekt, een paar dagen thuis bent om vervolgens weer even zoveel weken weg te gaan. Waar het niet meer echt gaat om de muziek maar om de performance. Waar vocaal alles op de band staat: een aantal keren opgenomen zelfs, want dan klinkt het op het podium lekker dik. Voor het publiek zing je op het Podium, maar je geluid ter plekke doet er niet echt toe, want die staat op zacht. We spraken over wat roem en het streven naar perfectie met je doet. Dat geen van de bandleden daarmee om kon gaan; dat drank en drugs velen onder hen, op de been en in het leven hield. Mijn loge stapte uit dat leven, paste daar niet in. Ik vertelde hem over mijn lezing met de titel: The power of imperfection’. Wat zegt jou die titel, vroeg ik hem. “I would say you have to practice a lot more”, was zijn antwoord. Daarna volgde een mooi gesprek over dat het me daarom nu juist niet gaat in deze lezing, maar dat daarin wel de spanning zit. Hoe zit dat nu met dat streven naar perfectie? Is het voor jou herkenbaar?
Ik ben twee keer naar een optreden van hem geweest in deze tour en heb ten volle genoten. Hij is virtuoos op gitaar en moet op het podium regelmatig zijn gitaren stemmen. Onder het stemmen vertelde hij: “Maybe you expected a show, but we don’t have one. We only play music, that’s our life. I used to play a show but it didn’t work out so good for me. So I hope you’re having a good time with us.”

Mooi he? Hij vertolkte mijn wens zo krachtig; Want, hoe mooi is het als mensen zichzelf zijn, zodat we elkaar veel meer echt zouden kunnen zien en ontmoeten in plaats van een show voor elkaar opvoeren.

Ik heb twee keer mijn liedprogramma gespeeld met twee prachtige muzikanten. Een maand voor mijn daadwerkelijke optredens heb ik me gefocust op het genieten van wat er nu bij elkaar aan het komen was; mijn liedjes, de muziek, mijn vertolking ervan in een samenspel met de muzikanten. Ik was in de zevende hemel. Echt! En… ik ervoer rust; in de voorbereiding, in de uren voorafgaand aan het optreden en ook op het Podium. De tweede voorstelling nog meer dan de eerste. De eerste avond heb ik goed kunnen voelen wanneer ik in contact was met mezelf en met wat ik aan het doen was en wanneer ik uit contact was. In contact was ik wanneer ik in het moment was, hier en nu. Ik vertelde mijn verhaal, voelde de emotie van het lied en liet me dragen door de muzikanten. Wanneer ik me zorgen ging maken over de tekst of over het feit dat ik soms niet goed hoorde of ik en de muziek elkaar goed volgden, dan was ik uit het contact en kreeg ik daarmee direct de wind van voren… Oeps! Wat is het belangrijk om hier echt in het moment te zijn, dacht ik. De tweede avond waren zowel mijn muzikale begeleiders als ik, zo relaxed dat we het gevoel hadden dat we iets vergeten waren… We gingen het Podium op om te kijken naar wat dat dan kon zijn. Nu weet ik… wat we kwijt waren, was de angst voor imperfectie. We omhelsden elkaar vlak voor het opgaan. Ik voelde totale verbondenheid met hen. Wat er ook zou gebeuren op dat Podium, het was goed. Daar zit voor mij de kracht van het imperfect mogen zijn: in de verbinding met mezelf, mijn bronnen en met de ander. Tevredenheid gaat voor mij dan ook over hoe ik van binnenuit naar de werkelijkheid kijk, of ik in het moment kan zijn en vertrouw om dat wat er is, om daar dan vervolgens met verwondering naar te kunnen kijken. En of ik die hoge noot gehaald heb? Ik weet het echt niet meer. In dat moment heb ik alles gegeven wat ik had, vanuit een innerlijke rust en vertrouwen, waarna het er eigenlijk niet meer toe doet of en hoe ik die noot heb gepakt. Mijn zangdocente omhelsde me aan het einde van de avond. We waren allebei uitgelaten, dankbaar dat we dit met elkaar mochten beleven. En we waren tevreden. Ja. Over alles! En dat smaakt absoluut naar meer…

Anderhalf week geleden vroeg mijn loge me vlak voordat hij op pad ging voor een concert, waar ik die avond zou kijken; „Maria heb je zin om vanavond ook te zingen op het Podium?” Ik schrok: “Ik? Ehhh…misschien wel” zei ik, “we zullen zien, oke?!”. Hij reed weg en ik…. ik sms-te: „Ik denk niet dat ik ga zingen hoor, we do it next year”, schreef ik. „That would be cool!!”

banner-vergaderlocatie

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*